Conceptomschrijving
Waste to Energy (WtE) is een vorm van terugwinning van energie. Dit
is een proces waarin energie in de vorm van elektriciteit of warmte
wordt gemaakt uit de verbranding van afval (zie bijlage 2, fig. 1).
Dit proces vermindert of elimineert afvalstoffen die anders zouden
worden gestort op broeikasgasuitstotende stortplaatsen. Er bestaan
verschillende stromen van WtE. De meeste WtE toepassingen
produceren elektriciteit via verbrandingsprocessen, of produceren
brandbare (grond)stoffen, zoals methaan, methanol, ethanol of
synthetische brandstoffen. Denk bijvoorbeeld aan biogas wat
geproduceerd kan worden uit een WtE toepassing en later
opgewaardeerd kan worden tot aardgaskwaliteit. Hierover is meer te
vinden onder het concept ‘’Groen gas in de Regio’’.
De traditionele manier van denken over de verwijdering van afvalstoffen en storten kan nu worden vervangen door een meer omvattend concept van 'up-cycling' in energie, het sluiten van de cirkel voor afvalmaterialen zoals in het ‘Cradle-to-cradle’ concept. Bovendien heeft dit een positieve weerslag op de energieautonomie van luchthavens, industrie, eilanden, lokale gemeenschappen en andere locaties, waar concentratie van productie van afvalstoffen en energieverbruik samenvallen.
The Greenzone als voorbeeld
Dit Waste to Energy concept bestaat uit 2
technologieën:
1. Waste to Liquid 'fuel’, d.m.v. het Pyrolyseproces (EOS)
2. Produceren van elektriciteit, warmte en schone CO2 (d.m.v.
Innovatieve, Nederlandse Gasturbinetechnologie).
Het meeste afval is gemaakt van olieproducten. Het Greenzone concept bestaat uit een technologie voor het verwerken van afval door het op een dusdanige manier te verhitten dat het door een pyrolyseproces in een vloeibare brandstof wordt omgezet. Het produceert nieuwe energie (vloeibare brandstof en gas) met een hoog rendement (afhankelijk van de kwaliteit van het afval). Dit zogenaamde ‘fuel’, waarvan een deel van het geproduceerde gas hergebruikt wordt voor het verwarmen van het proces, gaat vervolgens naar een Heron-gasturbine (zie bijlage 2, fig. 2). Deze gasturbine heeft een capaciteit van 1,7MW en kan hiermee de luchthaven (Schiphol) van elektriciteit voorzien. De opgewekte elektriciteit zou bijvoorbeeld ook naar laadstations voor elektrische auto’s kunnen gaan. De restwarmte gaat naar kassen, kantoren en gebouwen en de schone CO2 gaat naar de tuinbouw.
Proceswerking Afval Energie bedrijf Amsterdam (AEB) als
voorbeeld
Elektriciteit wordt opgewekt met behulp van
stoomturbines. De hitte die vrijkomt bij het verbranden van afval,
wordt gebruikt om water dat zich in de ketelwanden bevindt, te
verhitten, waardoor het verandert in stoom. Die stoom wordt met de
beschikbare hitte ook nog eens herverhit. Dit veroorzaakt een
enorme druk, waarmee turbines worden aangedreven, die elektriciteit
opwekken. De warmte die overblijft na de stoomproductie kan worden
gebruikt voor stadsverwarming.
USP (onderscheidend vermogen)
• Energetisch rendement uit afvalmix door
verbranding in de vorm van hoge druk stoom is maar liefst 80%;
• Het gebruik van warmte uit afval biedt zowel economisch als
milieutechnisch de beste mogelijkheden voor het realiseren van de
zogeheten energiebesparingdoelstelling. Dit is de voor woningen
geldende energieprestatienorm;
• Het voorkomt het storten van afval met daarbij behorend
ruimtebeslag;
• Het Greenzone concept bespaart veel op transportkosten
(500.000 km per jaar via 1 plant), omdat het afval in een gesloten
circuit (Schiphol) wordt opgehaald en wordt verwerkt. Dit scheelt
dus het transport van afval naar buitenliggende regio’s.
Klimaatimpact
Het WtE concept zorgt voor vermindering of
verwijdering van afvalstoffen die anders zouden leiden tot de
uitstoot van broeikasgassen bij stortplaatsen. Tevens vermindert
het WtE concept de vraag naar energie op bestaande lokale
elektriciteitsnetten en/of levert het decentraal opgewekte energie
aan het net, wat uiteindelijk resulteert in minder CO2-uitstoot van
de energiecentrales.
Klimaatimpact van AEB als voorbeeld: Met de levering van ruim 545.000 MWh netto realiseert AEB een CO2-reductie van circa 350.000 ton op jaarbasis. De geleverde duurzame stroom komt overeen met de elektriciteitsbehoefte van circa 161.000 Amsterdamse huishoudens. In de nabije toekomst worden de hoeveelheden nog verder opgevoerd. De levering van restwarmte in Amsterdam neemt een grote vlucht. Momenteel worden 5.000 woningequivalenten per jaar aangesloten, 3.500 harde woningen en 1.500 woningequivalenten voor grootverbruikers. In de Westelijke Tuinsteden zijn in 2009 2.200 woningen aangesloten. De komende jaren wordt een groei van 5.000 woningequivalenten per jaar verwacht.
Betrokken bedrijven en kennisinstellingen (voorbeelden)
AEH Power, Afval Energie Bedrijf (AEB), Cirmac
International* , Gasunie, Global Green International*, KEMA,
MSwitch*, Optimum Environmental & Energy Technologies, Prologa,
Raedthuys Groep, Wilaard Holding, WWE Sustainable Solutions, A. de
Jong Groep.
Best-practices in Nederland (voorbeelden)
• The Greenzone in Schiphol
• Afvalstortplaats in Neunen
• Afval Energie Bedrijf te Amsterdam
• AVR afvalverbrandinginstallatie in Rotterdam
• HVC in Alkmaar
Mogelijke barrières (buitenlanden)
• Het verkrijgen van vergunningen, zoals
milieu- en bouwvergunningen, blijkt in sommige gevallen voor enorme
vertragingen te kunnen zorgen. Dit zou een mogelijk obstakel kunnen
vormen.